woensdag 4 oktober 2017

Baarzen en snoeken

Het is weer zover! De periode voor het vissen met kunstaas is alweer in volle gang. Althans voor mij; sommigen blijven penvissen op karper terwijl een ander zich alweer klaarmaakt voor de wintervoorn die zich binnenkort op beschutte plekken gaat verzamelen.Ik heb kortgeleden nog met vismaat Lolle de karpers aan de schubben proberen te komen met de swingtiphengel. Het waren een paar gezellige uurtjes maar de karpers lieten zich moeizaam vangen en Lolle wist uiteindelijk één karpertje aan de kant te brengen.

Ik ben dus alweer volop met kunstaas in de weer. Niet alleen aan het water maar ook thuis, waar allerhande onderdeeltjes besteld worden en in elkaar geprutst tot een uitdagende en hopelijk vangende spinner, streamer of lepel. Je kon al lezen dat ik al eens met de ultralichte hengeltjes, de Rapier en de Floret op stap was geweest en leuk baars(jes) ving. Ook de acht- en de tien-grammer gingen eens mee op struintocht maar met de snoeken wilde het nog maar matig lukken. Volgers, missers en lossers waren een paar keer mijn deel; het ging nog niet helemaal lekker. Baars daarentegen liet zich eigenlijk overal wel vangen.

Ik besloot om maar eens de Fair Play Cobold vijfgrammer in te zetten. Nog steeds ultralicht maar met het oog op de weersomstandigheden (wind), met de wetenschap dat de baars het nog steeds leuk doet èn met de wens nog eens een leuke snoek te vangen, leek het mij een gewogen keuze. Een 16/00 lijn en een klein molentje completeerde de uitrusting. In een water even buiten Groningen ving ik de eerste baarzen op een spinnertje. Het messing blad van de spinner was al wat aangeslagen en dof door eerder gebruik maar ik gaf hem nog wat extra zwarte strepen met een watervaste stift omdat het water hier werkelijk glashelder was en de zon ook nog eens scheen. Een glimmend spinnerblad is in dat geval wat al te fel en schitterend en heeft meer een schrikeffect dan dat het de vis tot aanbijten verleidt. Een stuk of zeven baarzen waren mijn deel!


Baars!

De wind trok steeds meer aan en ik besloot in de luwte van de stad mijn heil te zoeken. Hier was het water weer een stuk troebeler en ik zette hier een mooi nikkel spinnertje met een gehamerd blad in. De baarsjes waren hier alleen een stuk minder actief, maar ik kon na een tijdje vissen een hele mooie snoek haken die na een flinke dril met het vijfgrammertje geland kon worden. Het meetlint zat nog in mijn karper-tas maar bij nameten aan de hand van de foto bleek de snoek zo'n 88cm te meten!


88 cm aan de vijfgrammer!

Het spinnertje bleek niet geheel ongehavend uit de strijd te komen. Zowel door de snoek als door mijn onthaak-kunsten (de haak, overigens weerhaakloos, zat vrij diep in een hard gedeelte van de snoekenbek) was het spinnertje flink verbogen.


...aan vervanging toe...

Ik ving met een nieuw exemplaar van hetzelfde type spinner nog wat baarsjes en ben toen weer teruggelopen. Ik kon het niet laten om op dezelfde plek waar ik eerder de snoek vind mijn spinnertje nog eens uit te gooien. Waarom weet ik eigenlijk niet; het is zeer onwaarschijnlijk dat de snoek nog eens toehapt, maar goed. Tot mijn verbazing kreeg ik OP PRECIES DEZELFDE PLEK wéér beet! Weer volgde een flinke dril, waarbij de snoek blijk gaf van zijn bedrevenheid in de luchtacrobatiek: de snoek kwam volledig uit het water en danste met zijn staart een heel eind over het water. Gelukkig bleef de haak tijdens de dril weer zitten en ik kon een snoek van, naar later bleek, 67cm bijschrijven. Tsjakka!


67 cm, een heel mooi formaat snoek voor de vijfgrammer

Ongelooflijk dat de snoeken zo vlotjes elkaars schuilplekje innemen. Ik heb wel meegemaakt dat eenzelfde snoek weken achtereen op dezelfde plek te vangen was, in dit geval bij een duikertje in het water. Maar twee snoeken op precies dezelfde plek zo vlak achter elkaar... 

Het geeft wel weer vertrouwen, een paar snoeken vangen. Vissen blijft vissen en de vangsten zijn niet altijd goed. Maar deze twee snoeken peppen mijn vertrouwen in het kunstaasvissen weer even op. Kom maar op met het snoekseizoen!

zondag 24 september 2017

Rapier, Floret en The Edge

Klaasjan schreef het al op zijn blog: een tijdje geleden zijn we samen op pad geweest om de rovers aan de schubben te komen met ultralicht materiaal. Hoger doel was om de CJW The Edge van Klaasjan en mijn nieuwe Fair Play Rapier te vergelijken. De anderhalfgrammer van Cor Spinhoven versus de tweegrammer van Jan Bassez. We visten om en om  met elkaars hengels. Ondertussen vingen we  beiden leuk baars.

Baars aan de Fair Play Rapier...
...en baars aan de CJW The Edge.

De Rapier is duidelijk een andere hengel dan The Edge. De laatste is een pak lichter in gewicht en werpen gaat daardoor wat minder "vanzelf". Daar staat tegenover dat The Edge gevoeliger is en de trillingen van het kunstaas wat beter doorgeeft. De lengte is vrijwel gelijk en als je beide hengels krom trekt dan vertonen ze een zelfde progressieve buiging.

We vonden het een leuke vergelijking maar gingen naar volle tevredenheid weer met onze eigen hengels naar huis. En is The Edge nou werkelijk een hengel met een duidelijk lichter vermogen dan de Rapier? Nou, niet dat wij hebben kunnen ontdekken...

Vandaag hebben we de vergelijking tussen CJW en Fair Play nog eens dunnetjes overgedaan maar nu had ik de Floret meegenomen. De Floret vergelijken met The Edge doet denken aan de spreekwoordelijke vergelijking tussen appels en peren. De Floret is een hengel van Cobold glas, is veel korter dan The Edge en heeft wat meer vermogen, ruim drie gram. Daardoor kun je er ook iets grote spinnertjes op gebruiken.

...op de Floret... 

We vingen allebei leuk baars en ik kon nog een snoekje landen. Dat ging heel leuk op de Floret en 12/00 nylon blijkt weer ruim voldoende om, in samenwerking met het hengeltje en de molenslip, de klus te klaren. Die molenslip hoefde maar weinig assistentie te verlenen tijdens de dril, want de snoek hield zich opvallend rustig. Alweer zo'n bijkomend voordeel van lichter vissen.

...de Floret klaarde de klus!
Ondanks dat we in de stad Groningen aan het vissen waren, genoten we ook van de rust en de natuur. Tweemaal werd een ijsvogeltje gespot en toen we terug liepen naar de auto, ging een klein eekhoorntje ons voor op het wandelpad langs het water. Ook dat is genieten!

dinsdag 5 september 2017

Hij kon het swingen niet laten...

De feiten: Zondag 3 september 2017, Fair Play swingtiphengel Special Cobold Light, 40 cm glasvezel swingtip, 16/00 Caperlan nylon met breeksterkte 1,8 kg, vrijloopmolen Mitchell Avocast 2000, als aas een minibrokje Frolic op de hair en een Gamakatsu Specialist R haak maat 8. 

De vangst: Schubkarper 50 cm. (in beeld)

De visser: Robert, met een brede glimlach op zijn gezicht! (niet in beeld)

zaterdag 2 september 2017

De Rapier

Naast de serie Fair Play Cobold spinhengels heb ik nu ook de beroemde Fair Play Rapier in mijn collectie, een tweegrams (!) spinhengeltje van grafiet. Waarom niet van Cobold glas? De lichtste hengel in Cobold glas van Fair Play is de driegrams Floret, een vinnig hengeltje van 1,60m lang. Ik vermoed dat het niet echt goed mogelijk is om een nòg lichtere spinhengel in Cobold glasvezel te bouwen, zonder dat deze te kort en/of te slap wordt. Daarom dus de tweegrammer, genaamd Rapier, in grafiet.

De huidige Fair Play prijscourant zegt het volgende:



Dat is nogal wat, de lichtste spinhengel ter wereld! Alhoewel de meningen daarover wèl verdeeld zijn...er zijn spinhengeltjes van concullega hengelbouwers die claimen een vermogen van minder dan twee gram te hebben. Laten we het eerst maar eens bij de Rapier houden.

Ik kon hem gisteren even uitproberen, de Rapier. Mijn favoriete vijverpartijen in Groningen lagen goeddeels dicht met een dikke laag kroos maar er waren toch nog plekjes die geschikt waren om er een spinnertje te laten draaien. Ik gebruikte twee spinnertjes die ik al eerder eens van Jan Bassez kreeg, met gehamerde Indiana blaadjes van 18mm en 21mm. Beide maten vissen voor mij perfect op de Rapier. In een eindkommetje ving ik al snel de eerste baarsjes!


De eerste baarsjes op de Rapier!

Wat een genot om relatief kleine vissen het hengeltje te doen zien buigen. Het hengeltje wipt en danst onder het verzet van de dappere visjes.

Ik trok het spinnertje nòg eens langs het lelieveldje vlakbij de kant en ik kreeg een schrik die mijn hart even deed overslaan: met een flinke klap en een plons greep een gretige snoekdame het minispinnertje. Mijn eerste reactie: gauw weg van het lelieveld lopen! Na een paar passen zag ik dat de snoek inderdaad de richting van het lelieveld niet had gekozen maar ze zat wèl al binnen een paar seconden bijna aan de andere kant van het kommetje, zo'n tien meter verderop. Wat een kracht, de slip van de Shimano Symetre 500 gierde het uit, en wat boog die Rapier mooi! Ik had nu alle vertrouwen weer in het landen van de snoek. Hier had ik de ruimte. Maar wat ik onder de kroosresten niet zag, is dat hier nogal wat hoornblad groeide. De snoek had inmiddels al enkele kilo's op de lijn verzameld, waardoor de druk op de hengel steeds meer van de plantenkluwen kwam en niet meer van de snoek zelf. Ze kon zich door de slappere lijn blijkbaar van de haak ontdoen want na een laatste kolk was het opeens stil, terwijl ik nog wèl met een kromme hengel in de hand stond.

Ik sleepte de bos watergroen naar binnen en schepte de boel. Tot mijn verbazing pakte ik uit het groen met de spinner en zeer verfomfaaide baars naar boven! Toch nog vis, alhoewel het niet de snoek was, die ik toch richting de 80cm schatte en die mij een spannende dril bezorgde.


De verfomfaaide baars die eigenlijk een snoek had moeten zijn...

De andere plekjes die ik tussen het kroos wist te bevissen met de minispinnertjes leverden zo nu en dan nog een baarsje op en hier en daar ving ik redelijke formaten tot nèt boven de 20cm. Vlakbij weer een ander lelieveldje gebeurde het wéér: Wham, plons, snoek! Deze keer kon ik de snoek mooi drillen en landen. Heerlijk, op zo een lichte hengel! En 12/00 nylon met een "normale" breeksterkte blijkt weer meer dan sterk genoeg op uitgebalanceerd materiaal. Het was de kers op de taart. 


Snoek van 65cm op de Rapier

Toen ik thuis kwam zei ik tegen mijn vriendin: "Zie je die grijns op mijn gezicht? Die blijft nog wel een tijdje!" Ik heb er van genoten. Wàt een hengeltje, die Rapier! Eenmaal de spullen opgeruimd en met een koel biertje op eigen terras, keek ik naar boven en zag met een beetje fantasie een wolk in de vorm van een baars. 


...baars...

Een knipoog van de visgoden: er gaat nog veel vis volgen voor de Rapier!



dinsdag 29 augustus 2017

Na de vakantie

De vakantie in Zeeland is weer voorbij. De meegebrachte Fair Play Cobold 24 grammer is dit keer niet uit zijn foedraal geweest. Voorgaande jaren wist ik nog wel eens een enkele keer een zeebaars te haken vanaf het strand met een twister op een haak met loodkop, vandaar dat de hengel een standaard bagage-item is geworden als we die kant op gaan. Maar soms is het ook wel eens lekker om even vakantie van je hobby te nemen.

Voor de lezers die mijn karper-swingtip verhalen gevolgd hebben: vlak vóór de vakantie wist ik nog op zowel de swingtiphengel Cobold Medium als de Light de karpers in de vijver te haken met de baitrunner-methode! 

...op de Medium...

...èn op de Light!

Op beide hengels gebruikte ik een lijn van 16/00. De liefhebbers van lichter vissen kennen het verhaal uit ervaring: een vis gaat zicht anders gedragen op lichter materiaal. Zo ook deze karpers. De dril is veel rustiger en de vis gaat minder tekeer. Overigens gaat de visser daardoor ook minder tekeer; omdat het allemaal rustiger verloopt en de hengel, lijn en slip als onverslaanbare drie-eenheid hun werk wel doen. Zolang obstakels in het water afwezig zijn is er over het algemeen weinig aan de hand en kun je lekker genieten van het schouwspel wat de gebogen hengel biedt.

In de warme middag van vandaag heb ik nog een uurtje de ruisvoorns belaagd met de korte Fair Play Cobold vlokhengel. Ik ving maar één vis van formaat; hij was bijna 25 centimeter, een heleboel kleinere voorns en een aantal enthousiaste baarsjes. Ik heb mijn lol gehad; vissen met de vlokhengel voelt voor mij als een kwajongensvisserij en ik voel me ineens weer een heel stuk jonger :-)

Toen we weer terug reden vanuit ons vakantie-adres in Zeeland hebben we, omdat we redelijk in de buurt waren, Jan Bassez nog met een bezoekje vereerd. Ik heb weer een wens uit zien komen en nam een gloednieuwe Rapier, een 2 grams spinhengel van grafiet, mee naar huis. Daarover later meer!

zondag 30 juli 2017

Swingtip en karper

Ruiser

Hé, dit bericht zou toch over karper gaan? Dat klopt, maar "tussendoor" ging ik een tijdje geleden met Klaasjan ook weer eens "op de ruisers". En dat is gelukt! Alhoewel het formaat van de ruisvoorns wat tegenviel, hebben we leuk gevangen op onze lichte vlokhengeltjes. Een verslagje staat hier op het blog van Klaasjan. Voor herhaling vatbaar!

En dan die karper. Ik vis momenteel graag in de Groningse vijvers op karper. Veelal met het pennetje en als aas zachte kattenbrokken uit blik, maïs of harde Frolic brokjes. Hengel: de Fair Play Grafiet Special Light Long (20/00) of zelfs ultralicht met de Brasemhengel Cobold (16/00). En dat gaat prima, maar als swingtipliefhebber wilde ik het ook eens met de swingtiphengel proberen.Omdat de aanbeten vaak nerveus en heel snel zijn, moest ik wèl iets bedenken om de boel onder controle te houden en te voorkomen dat keer op keer de hengel van de steunen wordt getrokken. Jan Schreiner beschrijft in zijn boek "Vissen met quiver en swingtip" ook het vissen op karper met de swingtip en beveelt aan de beugel van de molen open te houden en de lijn vast te zetten met een lijnclip of elastiekje. Ik heb dit vroeger wel eens geprobeerd maar het is een nerveuze bezigheid; de molen sluit niet altijd direct, de lijn blijft achter de clip zitten, etc. 


De oplossing: een vrijloopmolen!

Ik vond de oplossing in het gebruik van een klein vrijloopmolentje, ook wel baitrunner genoemd. Deze is uitgerust met een licht in te stellen vrijloop-slip, naast de normale "vecht-slip". De vrijloopslip schakelt uit zodra je, zeg maar, een slinger aan de slinger geeft. De molen staat vanaf dan weer op de "gewone" slip. Ik had het exemplaar, een Mitchell Avocast FS2000, al een tijdje liggen maar ik had hem nog nooit echt goed in combinatie met de swingtiphengel kunnen testen. Ik voorzag de molen van verse 20/00 Caperlan nylon en monteerde hem onder de Heavy Cobold 300 swingtiphengel. Als tip koos ik de 50 cm lange basculetip, bij gebrek aan een "echte" karperswingtip. Die karperswingtip werd een tijdje geleverd en was een tip met het dikste en zwaarste gedeelte onderaan zodat het trimmen van de dikkere lijn wat gemakkelijker gaat. Ik bereikte hetzelfde met de basculetip, een tip voorzien van een verschuifbaar gewichtje. De stevige bries die er op mijn recente visdagen stond, kon ik zo ook goed het hoofd bieden.

De eerste aanbeet verliep rustig, maar resulteerde in het bekende gat-in-de-lucht-slaan... tsja het is even wennen dat je niet alleen de hengel opheft om aan te slaan maar dus óók die molenslinger een slinger geeft, om de vrijloop op te heffen! De tweede aanbeet verliep ook op de klassieke manier: de tip trilde wat, ging langzaam omhoog en bleef halverwege staan. Nu aanslaan èn de molen een draai geven: hangen! Het bleek een flinke giebel te zijn. Een mooie vis en best nog wel sterk, maar niet waarvoor we gekomen waren.


Leuk, maar hier kwamen we niet voor...

Bij de derde aanbeet schóót de swingtip in één keer horizontaal en begon de vrijloop meteen aan zijn licht zoemende gezang. Aanslaan: Yesss! Dit ging heel mooi, de hengel in een fraaie bocht, de vis ging twee keer door de best wel soepele slip en uiteindelijk kon ik een mooie foto maken. 


Yesss!


Alweer een mooi exemplaar

Daarna ging het als een dolle. Ik viste weer met de Frolic mini brokjes op een hair en een Gamakatsu Specialist R haak maatje 8. Ik voerde met dezelfde brokjes, die ik in stukjes had gebroken. De karpers van grofweg tussen de 40 en 55 cm gaven een mooie sport op de Heavy Cobold swingtiphengel en 20/00 nylon. Dat "heavy" geeft de indruk zwaar te vissen maar geeft eigenlijk aan dat de hengel vrij zwaar is om de brasem mee te bevissen, iets waarvoor de swingtiphengels meestal worden gebruikt. De hengel is geklassificeerd om met 16/00 tot 20/00 gebruikt te worden en is dus lichter dan de lichtste karperhengels.


Fraaie bocht

Ik denk er over om het nòg lichter te proberen, bijvoorbeeld met de Medium of zelfs Light swingtiphengel en 16/00 nylon. De Mitchell vrijloopmolen is alleen best wel gewichtig met zijn 302 gram en valt daardoor wat minder goed te combineren met de lichtere hengels. Het is één van de lichtste vrijlopmolens die ik heb kunnen vinden, naast de Penn Fierce 2500LL, die met 283 gram zelfs nog wat lichter is.


Deze kon ook niet van de Frolic mini's afblijven

Uiteindelijk ving ik tijdens de eerste sessie naast de giebel negen karpers. Een paar dagen later ving ik er zelfs 12, op dezelfde manier en met dezelfde uitrusting. Dat is fijn aan een vijver met een goed bestand aan vissen; je kunt naar hartelust experimenteren. Ik ben dan ook nog zéker niet klaar!

vrijdag 14 juli 2017

Op een rijtje

En dan opeens, tussen de vele schubkarpers uit de Groningse vijvers door, ligt daar een mooi exemplaar van wat met noemt de rijenkarper. Een niet alledaagse verschijning.


Rijenkarper

Ik ving dit exemplaar op een Frolic mini brokje, aangeboden op een hair en onder een dobbertje. Het valt nog niet mee om die kleine ronde brokjes fatsoenlijk op een hair te krijgen omdat de brokjes vrij snel breken als je er een gaatje in probeert te boren. Met beleid blijft het brokje toch heel en blijft dan ook goed op de hair zitten.

De hengel waarmee ik viste was de Fair Play grafiet special light long en 20/00 nylon van de inmiddels bekende blauwe budget-soort. Niet een ultralichte combi, maar een prima partij voor deze karper, die toch tegen de 60 cm mat. De hengel is wat mij betreft een heerlijke penhengel voor als je niet direct giganten van karpers verwacht en de ruimte hebt om te drillen. De molen die ik gebruikte was een vrijloop molen, de Mitchell Avocast FS2000. Het is een lichte molen (ruim 300 gram) met een prima slip, die ik graag gebruik op de lichtere (karper-)hengels. Als je even niet de hengel kunt vasthouden dan biedt de vrijloop een mogelijkheid om veilig door te vissen met de hengel op de steunen, zonder dat deze het water in wordt getrokken door de vaak wild en nerveus aanbijtende vijverkarpers. Ook in combinatie met een swingtiphengel is zo'n vrijloopsysteem ideaal om de boel onder controle te houden.